|
Hou je balans tussen sturen en stil staan.
Iedereen kent wel dat beeld van de levensrivier, waarop je in je leven vaart. Sommigen dobberen maar wat rond, en zien wel waar hun scheepje strandt. Anderen sturen hun bootje heel doelgericht, en de meesten schipperen een beetje daartussenin. In organisaties zie je dat net zo: sommige mensen plannen nooit hun loopbaan, anderen weten bij hun eerste job al precies waar ze uiteindelijk uit willen komen. Beide manieren van leven en werken hebben hun kwaliteiten, maar ook hun valkuilen. In dit artikel laat ik je kennismaken met Annemieke en Yvette, die ieder op hun eigen wijze iets hadden te leren van de andere benadering.
Annemieke, administratief medewerkster, is een vrouw van middelbare leeftijd. Zij komt bij me omdat ze na een aantal reorganisaties zich vaak ziek meldt. Haar chef denkt dat er meer aan de hand is dan alleen de fysieke klachten. Annemieke heeft in haar leven nooit iets gepland. Door een ongeplande zwangerschap is ze getrouwd met haar echtgenoot, met wie ze nog steeds gelukkig is. Toen haar twee kinderen wat groter waren, is ze weer gaan werken. Ze vindt dat ze het goed heeft en voelt zich daar dankbaar voor. Ze is een spontaan, emotioneel mens, en voelt zich erg betrokken bij haar 'collegaatjes' zoals ze die noemt. Maar daar zit hem ook de kneep. Door de reorganisaties zijn sommige collegaatjes vertrokken, andere werken meer op afstand. Annemieke kan haar betrokkenheid niet meer kwijt en kan daardoor haar draai niet meer vinden.
De basishouding van Annemieke in het leven is 'de mens wikt, God beschikt'. In haar werk zegt ze over de reorganisaties: "Ach, de hoge heren beslissen maar, daar kunnen mensen als ik toch niets aan doen." Ik kijk met Annemieke wat de kwaliteiten zijn van deze houding, wat deze houding haar gebracht heeft. Annemieke vindt zelf dat zij er flexibel door is, omdat ze steeds weer moet reageren op wat er op haar weg komt, en dat lukt meestal ook goed. Ook vindt ze dat ze daardoor heeft leren kijken naar wat er positief is aan wat haar overkomt. Je kunt er immers niks aan doen en je moet toch weer verder, dus dan kun je het maar beter van de zonnige kant bekijken.
In haar huidige werksituatie blijken deze kwaliteiten echter niet voldoende te zijn. We gaan op zoek naar wat er dan wel nodig is. Annemieke concludeert dat haar huidige werksituatie niet meer de ingrediënten bevat waarin zij kan gedijen - en dat ze er zelf iets aan zal moeten doen. Het is voor haar heel nieuw zich af te vragen wat ze dan eigenlijk wil, en hoe ze dat zou kunnen bereiken. Ze vindt het eerst ook heel lastig om deze houding in praktijk te brengen, omdat het voor haar als behoorlijk hoogmoedig voelt om zoveel te willen. Uiteindelijk vind ze het toch aannemelijk dat God haar liever gelukkig en op haar plek wil zien, dan ongelukkig in een hoekje. En dat Hij toch niet voor niets haar capaciteiten heeft gegeven; die mag ze inzetten om te doen wat nodig is.
Ze gaat heel gericht in de inmiddels vrij grote organisatie op zoek naar een goede plek voor haar. Tot haar eigen verrassing wordt dat een functie als secretaresse op een kleine afdeling, waar ze veel directe contacten heeft met de andere secretaresses in de organisatie: massa's collegaatjes! Bovendien doet deze functie een beroep op vaardigheden waarvan ze niet wist dat ze die had. Annemieke heeft hierdoor het gevoel dat ze "op me ouwe dag!" ineens in bloei komt te staan. Ze heeft de waarde van zelf het stuur in handen nemen aan de lijve ondervonden!
En dan Yvette. Yvette is halverwege de dertig en locatiemanager in een zorginstelling. Ze is een gedreven vrouw, goed in haar werk en doelgericht. Ze heeft een duidelijke visie op de zorg en wil die graag uitdragen. Daarom zoekt ze bewust haar weg steeds dichter naar het vuur waar het ijzer gesmeed wordt. Ze komt bij me omdat ze zich in de war voelt. Haar werk loopt best goed vind ze en ze heeft de boel onder controle. Toch kost het haar veel meer energie dan eerst. Een paar maanden geleden is vrij plotseling haar moeder overleden, die tot dan voor haar dementerende vader zorgde. De zorg voor hem is inmiddels goed georganiseerd, maar Yvette vindt het emotioneel toch belastend. Maar meer nog heeft ze last van de confrontatie met de broosheid van het leven, zowel door de plotselinge dood van haar moeder als door het langzame wegglijden van haar vader. Het houdt haar erg bezig en haar werk begint haar daarbij in de weg te zitten.
De basishouding van Yvette in het leven is 'elk mens heeft een opdracht'. Over haar werk zegt ze: "Het is zonde wanneer je je kwaliteiten niet inzet. God heeft ze je niet voor niets gegeven. Je moet je leven in eigen hand nemen, zodat je kunt worden wie je bent." Ook met Yvette kijk ik naar wat deze houding haar gebracht heeft. Yvette ervaart het als een grote kwaliteit dat ze dingen kan aanwijzen die ze heeft bereikt voor anderen, in haar geval voor de bewoners en werkers in de zorginstelling. Dat geeft haar een gevoel van vervulling. Ook is ze er trots op ze dat ze geleerd heeft vasthoudend te zijn bij tegenslag, om als het niet linksom blijkt te kunnen een weg rechtsom te vinden. Daarnaast zorgt haar doelgerichte houding ervoor dat haar kwaliteiten worden aangesproken en ontwikkeld. Zij heeft het idee dat hierdoor meer van haarzelf tot uitdrukking is gekomen en zij ervaart dit als een groot goed.
Ook bij Yvette blijken deze kwaliteiten in haar huidige situatie niet voldoende te zijn. De broosheid van het leven laat zich niet vangen in doelgericht bezig zijn. Yvette ziet in dat een houding van accepteren zinvoller is. Eerst geeft haar dit een gevoel van verlorenheid. Wat moet je dan doen, als je accepteert? Ik adviseer haar te gaan schrijven. Hierdoor kan ze ook meer haar gevoel ervaren, zoals haar verdriet over het verlies van haar moeder en in zekere zin ook van haar vader. Gebeurtenissen krijgen een plek. Bovendien wordt Yvette zich bewust hoe belangrijk het is nu van het leven te genieten, omdat je niet weet wat de dag van morgen brengt - hoe goed je ook plant.
Tot haar verrassing merkt Yvette dat het verwerken van deze privé gebeurtenissen ook leidt tot een andere houding in haar werk. Ze let er meer op dat kleine successen en hoogtepunten ook worden gevierd, in het team en met de bewoners. Ze gaat bewuster om met personeel en bewoners, waardoor ze niet meer alleen vóór hen dingen realiseert, maar ze het gevoel heeft dat ook samen met hen te doen. Ze voelt zich meer gedragen en wat minder alleen maar gedreven.
De mens wikt, God beschikt. Je kunt doelgericht zijn en plannen tot je een ons weegt, op bepaalde momenten in een mensenleven is het belangrijk stil te staan bij het moment en te accepteren wat er is. Omgekeerd mist een doelloos leven de vervulling die mogelijk is. Het is de bedoeling dat je een plek zoekt waar je je talenten kunt gebruiken en vrucht kan dragen. Daar moet je zelf wat voor doen! Juist in de balans kan het leven ten volle geleefd worden.
Copyright 2005 Carine Coehoorn. Je mag dit artikel of delen ervan overnemen onder voorwaarde dat je mijn naam en website www.coehoorncompany.nl erbij vermeldt.
|
|